Dagritme

Dagritme

Het kleine kind gaat nog helemaal op in de beleving van het moment en kent nog niet de ordenende structuur van de tijd. Daarom is het van belang om het kind enerzijds tegemoet te komen in zijn behoefte om in alle rust tijdens zijn spel de wereld te ontdekken en in zich op te nemen, en anderzijds van buitenaf een duidelijke structuur aan te bieden van ritme en regelmaat.

Dag planning

De dag heeft daarom een vast ritme en ziet er als volgt uit:

07.30 -09.00 1e Inloop tijd
09.00 -09.45 Ontbijt – ochtend ritueel
09.45 -10.00 2e Inloop tijd
10.00 -10.30 Thema UK & PUK gericht werken
10.30 -11.00 Thee- koekje / taalactiviteit
11.00 -11.30 Grote beweging
11.30 -12.15 Broodje gezond- zelfstandigheidsritueel
12.15 -14.30 Middagdutje
12.30 -14.30 Wakkere peuters (3 ½ – 4 jr.)
14.30 -15.15 Zuivel fruit – middag ritueel
15.15 -16.15 Thema gericht werken
16.15 -17.00 Hoeken en Pmer als speelkameraad
17.00 -17.20 Tussendoortje (eten-drinken)
17.20 -18.00 Hoeken en Pmer als speelkameraad

Voor de baby’s geldt een andere dagindeling omdat deze groep individuele verzorging vraagt en baby’s zich niet in een vast ritme laten douwen. In de groep is er wel gelegenheid om voor te lezen, babymassage te bieden, muziek te maken en zintuigen met mate te prikkelen. In overleg met ouder werken wij er wel naar toe om een dagritme naar vastere vormen te tillen omdat het vooral voor de vervolggroepen van belang is groepsopvang aan te kunnen bieden.
In de praktijk is gebleken dat de leeftijd van 5-15 maanden in de ochtend ook graag van 09.30-10.15uur nog een schoonheidsslaapje doet.

De vaste verschoon tijden zijn na iedere eetmoment, naar- uit bed momenten en naar behoefte, dus als een kind heeft gepoept of een te natte luier heeft.

Vaste extra activiteiten

Tijdens de UK & PUK activiteiten hebben wij een vaste activiteiten begeleidster die individueel het knieboek verhaal van het thema voorleest en muzikale activiteiten uitvoert. Zij besteed steeds 7 minuten per kind gedurende 4 dagen in de week. In de groepsplan heeft de beroepskracht nauwkeurig beschreven welk kind op welk moment bij de activiteiten begeleidster gaat. Tijdens de muzikale activiteit speelt de begeleidster gitaar en zingt zij bekende liedjes met het individuele kind. Zij stimuleert daarmee het ritmisch gevoel en probeert het kind mee te krijgen in het moment. Bij het voorlezen concentreert zij zich op het meepraten, meeluisteren en kijken naar wat het verhaal aan attributen mee heeft genomen. Dit om de taal- spraakvaardigheid te stimuleren.